Zoeken

GO

Een campagne voor
veiligheid, gezondheid en welzijn
op het werk in de KMO.

HomeWetgevingKennisbankGoede Praktijkenhulpmiddelen
Nog vragen?
FAQ Details  

FAQ

Lawaai?

[Blootstelling aan lawaai]

Bij ons in de onderneming is er regelmatig vrij veel lawaai. Welke gevolgen kan dit hebben? Vanaf welk geluidsniveau is het aangeraden gehoorbescherming te gebruiken? En is dat een wettelijke verplichting?

 
 
Het meest in het oog springende risico bij de blootstelling aan geluid is uiteraard gehoorbeschadiging. In sommige gevallen is deze schade tijdelijk en herstelt het gehoor zich na een rustperiode. In andere gevallen is er onherstelbare schade toegebracht aan het gehoor.

Daarnaast kan blootstelling aan lawaai nog andere gevolgen hebben, gaande van concentratievermindering over maagzweren tot hartkloppingen. Lawaai heeft ook indirect een negatieve invloed op de gezondheid doordat het gevoelens van hinder, boosheid, gespannenheid en schrik kan veroorzaken.

Voor wat betreft gehoorbeschadiging, gelden voor de meest voorkomende geluiden de volgende grenswaarden (internationale norm ISO 1999):

- geen risico voor gehoorbeschadiging beneden 80 dB(A);

- 8 uur per dag blootstelling gedurende jaren aan niveaus boven 80 dB(A) kan na verloop van tijd gehoorbeschadiging veroorzaken (hoe hoger het niveau, hoe hoger de kans);

- in geval van opeenvolgende impulsgeluiden is het risico voor gehoorbeschadiging groter; de grenswaarden liggen dan 10 dB(A) lager.

Volgens de wetgeving moet de blootstelling van de werknemers aan lawaai in het algemeen beperkt worden tot een niveau dat zo laag mogelijk is. Dit betekent dat meteen gehoorbescherming voorzien, niet de aangewezen oplossing is.

Eerst moet nagegaan worden of het niet mogelijk is het geluidsniveau te verlagen door andere maatregelen. Het eenvoudigste is natuurlijk ervoor te zorgen dat er geen schadelijk lawaai meer geproduceerd wordt (bv. vervanging van machines door modernere exemplaren). Is dit onmogelijk, dan is het aangewezen om zoveel mogelijk te trachten de geluidsbronnen zelf af te schermen (bv. door geluidsschermen). Enkel als blijkt dat dit niet mogelijk is, kan naar persoonlijke beschermingsmiddelen gegrepen worden.

De Belgische wetgeving schrijft buiten deze algemene verplichting een aantal maatregelen voor die moeten genomen worden wanneer het geluid boven een bepaald niveau uitstijgt. Er zijn grosso modo twee grenswaarden te onderscheiden op dat vlak, nl. 85 dB(A) en 90 dB(A). Vanaf een blootstelling aan 85 dB(A) of meer moeten de werknemers ingelicht worden over de mogelijke risico’s die zij lopen, en moeten persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking gesteld worden. Vanaf geluidsniveaus van 90 dB(A) moet een passende signalisatie aangebracht worden, en moet de toegang tot de ‘lawaai’zones beperkt blijven. Bovendien moet op dat ogenblik de gehoorbescherming verplicht aangewend worden.


 
Meer informatie?

Verder in de kennisbank

 
© PREVENT vzw